Een mijlpaal: mijn bibliotheekkaart

Vandaag een grote mijlpaal bereikt in mijn studieloopbaan in Uppsala: ik heb mijn bibliotheekpas op mogen halen in de bibliotheek! En wat is ie mooi hè!

Nu is het inmiddels mij vierde bibliotheekpas, maar zonder er ook maar een boek geleend te hebben en hoewel je de codex argenteus (to be continued) er niet mee mag lenen, is dit wel de allergaafste kaart die ik tot nu toe in mijn portemonnee heb gehad.

Mocht de tekst boven in het wapen op de foto niet te lezen zijn, er staat:

Ι Α Τ Ρ Ε Ι Ο Ν   Ψ Υ Χ Η Σ

Dat is Grieks voor zo iets als de ‘heilzame plaats voor de ziel’. Het verhaal (Diodorus Siculus I,49 mocht je heel geïnteresseerd zijn) gaat dat de Griekse historicus Hecataeus van Abedera eens een reis maakte naar Egypte en daar een bezoek bracht aan de tombe van Ramses II in de Vallei der Koningen. In het grafmonument bevond zich ook een bibliotheek (mocht Ramses na zijn dood wat tijd over gehad hebben, had hij in ieder geval iets te lezen :P). Boven de ingang van deze bibliotheek zou deze frase gebeiteld zijn.

Hoewel archeologen de bibliotheek nooit gevonden hebben en hoewel de kans ook heel klein is dat zo’n bibliotheek ook echt heeft bestaan (in ieder geval wat betreft onze interpretatie van het woord bibliotheek), is het wel een gaaf verhaal om naar te verwijzen op een bibliotheekpasje. En misschien ben ik er daarom wel nét iets te blij mee.